Als mijn therapeut maar gelukkig is
Codependentie is een complex patroon waarbij iemands eigen behoeften structureel naar de achtergrond verdwijnen. Het geluk van een ander krijgt altijd prioriteit — zelfs dat van hun therapeut.
Iedereen probeert weleens een ander te plezieren of te ontlasten. Soms is dat ook terecht, bijvoorbeeld wanneer iemand in je omgeving het zwaar heeft. Maar voor iemand met codependentie is er geen keuze: het geluk van de ander wordt een obsessie. Zoals Melody Beattie, een expert op dit gebied, het formuleert: “Een codependent persoon is iemand die heeft toegelaten dat het gedrag van iemand anders hem of haar beïnvloedt en die geobsedeerd is door de behoefte om dat gedrag te controleren.”
Dit klinkt misschien zwaar, maar het is precies hoe codependentie werkt. Alles draait om het welzijn van de ander. Een codependent persoon probeert de ander te veranderen ‘voor zijn of haar eigen bestwil’, neemt verantwoordelijkheid over, of stelt het eigen leven volledig in dienst van de ander. Soms gaat dit zelfs zover dat iemand nauwelijks de deur uitgaat, omdat de ander hem of haar nodig zou kunnen hebben. Codependentie ontstaat vaak onbewust, vanuit langdurige stress, disfunctionele relaties of een onveilige hechting. Het komt veel voor bij mensen in relaties met verslaafden, maar ook bij familieleden of partners in andere complexe situaties.
Verweven met identiteit
Mensen met codependent gedrag herkennen dit vaak niet bij zichzelf. Het is diep verweven met hun identiteit. Ze zijn gewend de behoeften van anderen voorop te stellen en zijn zich vaak niet bewust van hun eigen grenzen of verlangens. Wat voor hen vanzelfsprekend voelt — soms zelfs liefdevol — komt vaak voort uit de angst om afgewezen te worden of er niet toe te doen.
Codependentie zorgt ervoor dat iemand alleen kan doen wat hij of zij zelf wil als het met de ander goed gaat. En zelfs dan kan een codependent worstelen, want als alles goed gaat, voelen ze zich niet nodig. Dit gevoel van ‘niet nodig zijn’ kan een diep verlangen opwekken, vergelijkbaar met de craving van een verslaafde. Het besef dat dit patroon schadelijk is, komt vaak pas wanneer mensen uitputting, frustratie of een burn-out ervaren.
De invloed van codependentie op therapie
Vaak komt iemand in therapie zonder te weten dat codependentie een rol speelt. Voor therapeuten en coaches is het belangrijk alert te zijn, niet alleen voor het welzijn van de cliënt, maar ook vanwege de invloed die dit patroon kan hebben op de therapeutische relatie. Het risico bestaat dat je als professional onbedoeld onderdeel wordt van de codependente dynamiek.
Codependentie uit zich in therapie op subtiele manieren. Een cliënt zal bijvoorbeeld zelden aangeven dat een bepaalde aanpak niet werkt, uit angst om je teleur te stellen. Er kan een diepe angst bestaan om ‘losgelaten’ te worden of om fouten te maken zonder jouw begeleiding. Soms komt dit ook tot uiting in een overdreven motivatie: de cliënt werkt hard aan therapie, niet uit intrinsieke motivatie, maar om jouw goedkeuring te verdienen. Zelfs wanneer er al vooruitgang is geboekt, kan codependentie blijven spelen, bijvoorbeeld wanneer een cliënt doet alsof het beter gaat, simpelweg omdat hij of zij denkt dat jij als therapeut ‘lang genoeg’ hebt geholpen.
Wat kun je doen als coach of therapeut?
Het herkennen van codependentie vraagt aandacht voor subtiele dynamieken in de therapie. Deze patronen bieden inzicht in de uitdagingen van je cliënt, maar ook in bredere relatieproblemen. Bespreek hoe deze patronen zich buiten de therapie afspelen, en maak vervolgens de koppeling naar wat er in de sessies gebeurt. Moedig de cliënt aan om eerlijk te zijn over wat hij of zij ervaart tijdens de therapie.
Als professional is het essentieel om regelmatig te reflecteren op je eigen rol. Merk je bijvoorbeeld dat je te veel in de rol van redder stapt? Of ontstaat er een afhankelijkheidsdynamiek? Bespreek deze gevoelens in supervisie om met een frisse blik naar de situatie te kijken.
Een nieuwe weg inslaan
Door aandacht te hebben voor codependentie binnen de therapie creëer je een veilige ruimte waarin cliënten gezondere patronen kunnen ontwikkelen. Dit vraagt geduld, reflectie en bereidheid om samen de dynamiek te onderzoeken. De therapierelatie zelf biedt hierin waardevolle oefening. Uiteindelijk geef je de cliënt hiermee tools om beter met relaties om te gaan en, belangrijker nog, om vrijheid en autonomie te vinden. Dat kan een levensveranderende stap zijn.