De moed om kwetsbaar te zijn

Ik ken mensen die moed niet in hun woordenboek hebben staan. Sommigen zijn zo moedig dat ze er verder niet over hoeven na te denken. Anderen komen niet eens aan moed toe, die leven voornamelijk vanuit hun angst.

Veel mensen die tussen deze twee groepen zitten, zijn wel met moed bezig. Sommige vaak, andere minder. Moedig zijn is eng. Je gaat over de grens die veilig voor je voelt. Je bent bang om je kwetsbaar op te stellen omdat je niets wilt verliezen of omdat de ander je eventueel afwijst.

Toen ik vorige week het nieuwste boek van Brené Brown over leiderschap las, las ik dat een van haar beide kernwaarden ‘moed’ is. En dat juist dat haar helpt om verder te komen en boven zichzelf uit te stijgen.

Benoemen wat je voelt

Ik herkende dit. Ook ik houd me steeds vast aan dat woord om verder te komen. Me meer of beter te uiten. Beter mijn gevoelens te laten zien. Lastige (klant)gesprekken aan te gaan. Zaken te benoemen, bloot te leggen. Ja, soms krijg ik er buikpijn van. Maar als ik moedig bén, merk ik hoe ik meer met mezelf en ook met een ander in verbinding kom.

Door het woord nu (voorlopig?) als kernwaarde te kiezen, ben ik me nog beter bewust van wat moed is en wat het soms aan moed kost om het te omarmen. Om me heen merk ik dat anderen die een inspirerend uitgangspunt vinden. Moedig zijn.

Wanneer ben je moedig en wanneer juist niet? Waarin wil je moediger zijn?

 

 

Boek: Durf te leiden, De kracht van kwetsbaarheid voor moedige leiders, Brené Brown 2019.